Rekenen oefenen met de beste handleiding voor ouders (2020)

Rekenen oefenen met de werkbladen rekenen of met rekenspelletjes? Hier vind je alles wat je nodig hebt om je kind te leren rekenen en om rekenen goed te oefenen.

Scroll naar onderen om alles gratis te downloaden of kies de groep van je kind voor een ‘checklist’ rekenen.

Bekijk hieronder ook de 17 rekenrecepten in dit meest complete overzicht voor rekenen op de basisschool.

Gratis oefenbladen rekenen (PDF)

Rekenen oefenen met de gratis werkbladen. Download de oefenbladen!

Werkbladen Groep 3 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 4 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 5 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 6 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 7 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 8 Rekenen (Gratis)

Leren rekenen met de beste uitleg

Meteen naar de meest bekeken rekenonderdelen?

Rekenen oefenen met leuke spelletjes

Je kunt rekenen ook spelenderwijs oefenen met leuke rekenspelletjes. Bekijk hieronder als voorbeeld het spelletje ‘getalzoeker’.

PDF Lege getalzoeker

PDF Instructie getalzoeker

Klik hier om naar alle rekenspelletjes met instructie te gaan. De bijbehorende materialen kun je daar voor alle spelletjes gratis downloaden.

 

Rekensommen oefenen: hoe pak je dat thuis aan?

Het is belangrijk om het oefenen leuk voor je kind te maken en om je kind succeservaringen te laten hebben. Hieronder een paar tips:

 

Leren rekenen op de basisschool: de 17 rekenrecepten die echt handig zijn

Met behulp van deze ‘rekenrecepten’ kun je je kind helpen met rekenen. Wil je meer weten over een bepaald onderwerp? Klik dan door via de link en je komt bij de uitgebreide uitleg!

1. De getallenlijn

Inzicht hebben in de getallenlijn is heel belangrijk voor kinderen in groep 3, 4 en 5. De getallenlijn tot 20 wordt aangeboden en gebruikt in groep 3. De getallenlijn tot 100 is belangrijk voor kinderen in groep 4 en groep 5 krijgt te maken met de getallenlijn tot 1000. 

Je zult je misschien afvragen of een getallenlijn in groep 6 minder belangrijk wordt? Dat is natuurlijk niet zo maar in de praktijk zien we dat kinderen die de opbouw van de getallenlijn tot 1000 goed snappen, dit inzicht ook kunnen gebruiken tijdens het rekenen met getallen tot 10.000 of 100.000. 

Vanaf groep 6 is het gebruik van de getallenlijn belangrijk om inzicht te krijgen in breuken en kommagetallen. Waar plaats je de breuk 1/3 op de getallenlijn? En kun je 1,25 op de getallenlijn aanwijzen?

In groep 3, 4 en 5 wordt de getallenlijn vooral ingezet bij het oplossen van plus- en minsommen. De meerwaarde van een getallenlijn is dat met behulp van een getallenlijn je kind inzicht krijgt in het proces tijdens de bewerking van een som. De strategieën die daarbij vooral gebruikt worden zijn ‘handig rijgen’, ‘aanvullen tot 10’ en ‘splitsen’.

Daarnaast kan je je kind, afhankelijk van de groep waarin het zit, uitleggen dat getallen vanaf tien, opgebouwd zijn uit eenheden, tientallen, honderdtallen en duizendtallen.

Meer lezen over hoe je kind kunt helpen met de getallenlijn? Klik hier voor de uitleg over een getallenlijn maken.

Ook weten hoe het zit met de Romeinse cijfers?

2. Splitsen

Splitsen is een basisvaardigheid. Deze vaardigheid is nodig zodat je kind vlot leert (hoofd)rekenen. In groep 3 wordt deze vaardigheid nog ondersteund door de getallenlijn. De getallenlijn zorgt er voor dat je kind ziet welke tussenstapjes tijdens het rekenen gemaakt wordt. 

Splitsen gebruik je bij plus- en minsommen boven de tien. De eenheden van het tweede getal in een som ga je op zo’n manier splitsen zodat je van het eerste getal een ‘rond’ getal (10, 40, 60 of bijv. 90) kunt maken. Vervolgens reken je uit wat het antwoord wordt wanneer je het tweede getal van de splitsing erbij of eraf doet.  

Een voorbeeld:

37 + 6 = (6 splits je in: 3 en 3) 37 + 3 = 40 + 3 = 43

86 – 9 = (9 splits je in 6 en 3) 86 – 6 = 80 – 3 = 77

Als je met dit soort sommen aan het werk gaat zal je direct merken dat kennis van de getallenlijn ervoor zorgt dat je kind de som snel weet op te lossen. Het weet dan immers dat wanneer je vanaf 80 terug moet tellen je eerst 79, 78 etc. krijgt.

Om het splitsen thuis te oefenen kun je zelfs flitskaartjes kopen of zelf maken.
Naar meer over splitsen groep 3 en 4.

3. Optellen

Optellen wordt op school ‘erbij’ genoemd. Met de zogenaamde bussommen worden de eerste sommen gemaakt. Optellen wordt aangegeven met het rekenteken: +. 

Het begint met optellen tot tien (groep 3). Kinderen kunnen daarbij ondersteuning ervaren door de vingers te gebruiken tijdens het optellen.

Moeilijker wordt het zodra het optellen over het tiental heen gaat. In schoolse termen heet dit: optellen met overschrijding van het tiental.

Belangrijk is dat kinderen weten dat de afzonderlijke cijfers binnen een getal een verschillende waarde hebben. Zo heeft het getal: 97 negen tientallen (90) en zeven eenheden (7). Het getal 482 heeft vier honderdtallen, 8 tientallen en 2 eenheden. 

Bij dit soort sommen (482 + 217 = ) komt een kind niet allen overschrijding van het tiental tegen maar ook overschrijding van het honderdtal.

We kennen verschillende manieren:

Wil je meer weten over optellen?

4. Minsommen

Aftrekken wordt op school ‘eraf’ genoemd. Aftrekken wordt aangeduid met het rekenteken: –

Voor veel kinderen is deze bewerking lastiger dan optellen, zeker zodra het over een tiental gaat.

Van groep 4 tot en met 8 worden de sommen steeds complexer. Zo leert een kind in groep 4 erafsommen tot 100. Groep 5 leert sommen tot 1000 en maakt kennis met geldsommen. In groep 6 leren kinderen meer over geldsommen bijvoorbeeld in relatie met kortingen.

Groep 7 en 8 maken erafsommen met kommagetallen en breuken.

Evenals bij de bewerking optellen, kunnen kinderen bij erafsommen kiezen uit verschillende manieren om de som op te lossen. Klik hier voor meer uitleg en een video over minsommen.

5. Klok leren kijken

We kennen analoge tijd en digitale tijd. De tijden die je van een klok met wijzers afleest, noem je de analoge tijd. Kinderen leren eerst de uren, dan de halve uren en de kwartieren. In groep 4 leren ze “de hele klok”, dit houdt in dat ze ook de tijden als: vijf over tien en tien voor half tien etc. leren. In groep 5 komt daar de uitleg over de digitale tijd bij. 

Kijk hier voor uitleg over klok leren kijken

6. Kalender

In de eerste helft van groep 4 leren kinderen een kalender te gebruiken. Vaak wordt gebruik gemaakt van een maandkalender waarop de dagen en weken op ruitjespapier is getekend. Het is een vierkant met bovenaan de naam van de maand en links staan van boven naar beneden de dagen van de week. Elk vierkantje heeft een nummer, de datum.

Je kind mag dan vragen leren beantwoorden als:

Je bent vast verbaasd over hoe complex dit voor kinderen kan zijn. Je kind leert dat een week 7 dagen heeft. Dat een jaar 12 maanden heeft of 52 weken of 365 dagen. Dat een jaar niet alleen 4 kwartalen heeft maar (als je in Nederland woont) ook 4 seizoenen heeft. Dat er een trucje is om te achterhalen hoeveel dagen een specifieke maand heeft. En dat je, als je leeftijden met elkaar gaat vergelijken, maanden er ook toe doen. Bijvoorbeeld je klasgenootje is, net als jij, 8 jaar. Vraag: wie is de oudste van jullie twee?

Meer lezen over uitleg over de kalender?

7. Automatiseren van sommen

Waarom is het zo belangrijk dat kinderen bijvoorbeeld de sommen tot 20 en de keer- en deeltafels automatiseren? Wanneer kennis is geautomatiseerd, vergt dit nauwelijks nog iets van het werkgeheugen. En omdat het werkgeheugen beperkte capaciteit heeft, kun je die dus inzetten voor kennis waarover je nog moet nadenken.

Je kunt je vast voorstellen dat het voor je kind handig is dat de tafels geautomatiseerd zijn, voordat de complexere keersommen in groep 6 aangeboden wordt.

Meer lezen over automatiseren bij rekenen?

Meer lezen over hoofdrekenen?

8. Meten

Meten begint met de opdracht om lijntjes in het rekenboek te meten of afstanden ‘buiten het boek’ op te meten, bijvoorbeeld kinderen die bij elkaar de lengte meten. Om kinderen te laten ervaren wat een cm / km / m of mm is, kan je het dagelijks leven gebruiken om afstanden of maten te bespreken. Een eerste stap in dit proces is dat kinderen inzicht hebben in de diverse maten en dat je een voetbalveld niet in centimeters opmeet en een gum niet in meters. 

Als dat eenmaal in de klas behandeld is, dan leren kinderen maten omrekenen. De vraag is dan bijvoorbeeld: ik heb een plank van 2 m. Hoeveel decimeter is dat?

Daar hebben we een handig ezelsbruggetje meten voor!

9. Redactiesommen

Redactiesommen worden ook wel verhaaltjessommen genoemd. In alle leerjaren van de basisschool krijgt je kind redactiesommen aangeboden, oplopend in moeilijkheidsgraad. Ook de (cito)toetsen maken veelvuldig gebruik van redactiesommen. Het is dus belangrijk dat je kind handig wordt in het oplossen van dit soort sommen. 

In groep 3 en 4 zijn het vaak nog verhaaltjes met ‘maar’ één opdracht. Vanaf midden groep 5 kunnen er twee opdrachten in een redactiesom zitten. Dit houdt in dat je kind twee sommen moet maken voordat het bij het juiste antwoord is.

Meer lezen over hoe je jouw kind kunt helpen met redactiesommen?

10. Tafels oefenen

Kinderen hebben het automatiseren van de tafels nodig om gemakkelijk mee te komen in de klas en tijdens de rekeninstructie. Kennis van de keer- en deeltafels hebben kinderen nodig. Er zijn veel sommen in groep 6, 7 en 8 waarbij deze kennis de basis vormt van het oplossen van de som.

Tafels oefenen kun je op veel manieren doen. Via spelletjes op internet, in de vorm van gezelschapsspellen, door dagelijks filtskaarten te gebruiken of door dagelijks te luisteren naar een CD waarop de tafels 1 t/m 10 bezongen wordt.

Wil je regelmatig met je kind oefenen en ben je op zoek naar ideeën? Klik dan hier voor alles over het oefenen van de tafels.

Bekijk ook: Tafelkaart printen als hulpmiddel (PDF)

11. Geldsommen

Kinderen komen al vroeg in aanraking met geld: zakgeld, geld gekregen van open en oma, geld uitgeven in de speelgoedwinkel of aan boodschappen, etc.

Ook via de rekenmethode op school leren kinderen vanaf groep 4 rekenen met geld. Natuurlijk worden de sommen waarin geld een rol speelt steeds complexer wanneer kinderen van de middenbouw naar de bovenbouw doorstromen.

Meer over geldrekenen oefenen.

12. Verhoudingen

In de tweede helft van groep 6 leren kinderen rekenen met behulp van een verhoudingstabel. Dit is een handige manier om vanuit een gegeven (bijv. je fiets 3 km in 10 min.) een antwoord te krijgen (bijv. hoe lang fiets je over 24 km?).

Verhoudingstabellen  zijn heel handig om te gebruiken bij het oplossen van veel soorten sommen. Hier kun je de uitleg over verhoudingen en verhoudingstabellen lezen.

13. Staartdelingen 

Een staartdeling is een manier om een deelsom op te lossen. ‘Vroeger’ werd deze manier van rekenen als enige manier aan kinderen in het basisonderwijs aangeboden. De huidige beleidsmakers vinden dat kinderen op deze manier geen inzicht krijgen in de structuur van de som. Daarom is kolomsgewijs rekenen geïntroduceerd. Gebruikmakend van deze manier ziet een kind als het ware hoe het antwoord tot stand komt.

Nadat in groep 6 en begin groep 7 de kinderen deelsommen leren oplossen met behulp van kolomsgewijs rekenen, maken kinderen in groep 7 kennis met de staartdeling. De belangrijkste reden is misschien wel dat je met behulp van een staartdeling makkelijker tot na de komma kunt rekenen.

Ga naar uitleg over de staartdeling.

14. Breuken

Je hebt hele getallen en je hebt breuken, een deel van een getal. Om te kunnen rekenen met breuken hebben kinderen veel verschillende strategieën nodig die geleerd moeten worden. Een kind mag veel tijd krijgen om al deze strategieën te leren en in te zetten. Thuis oefenen is dan ook beslist geen luxe.

Om goed en gemakkelijk met breuken te kunnen werken hebben kinderen hun kennis van de deel- en keertafels nodig! Hier kun je het uitgebreide uitleg over breuken lezen.

15. Procenten

Procenten en breuken zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Net als bij een breuk zijn procenten een deel van een geheel.

Opgaven waarbij je kind procenten moet berekenen zijn te verdelen in drie verschillende soorten sommen. Die alle drie op een andere manier op te lossen zijn. De verhoudingstabel is een heel handige manier om opgaven met procenten uit te rekenen. Hier vind je de uitleg over het berekenen van procenten.

16. Kommagetallen

In de bovenbouw van de basisschool leert je kind sommen maken met kommagetallen. Heeft je kind inzicht in wat kommagetallen zijn? Kan het op een getallenlijn aanwijzen waar het kommagetal hoort? 

Het uitspreken van kommagetallen vraagt soms ook enige oefening. De decimalen achter de komma noem je van links naar rechts: tienden, honderdsten of duizendsten.

Wil je de uitgebreide uitleg over kommagetallen lezen?

17. Gemiddelde berekenen

Je rekent een gemiddelde uit door alle cijfers bij elkaar op te tellen en het getal door het aantal cijfers te delen.

Je kind krijgt ook sommen waarbij het een gemiddelde snelheid moet uitrekenen. Je noemt de snelheid van een voertuig, een gemiddelde snelheid omdat een voertuig nooit continue dezelfde snelheid heeft. 

Vragen over een gemiddelde uitrekenen kan ook gaan over gewicht, behaalde scores of bijvoorbeeld zonuren in een bepaalde periode. Je kunt van veel gegevens het gemiddelde uitrekenen

De informatie en werkbladen per groep bekijken?

 

Rekenen online oefenen: bekijk eerst deze tips

Als je kiest voor online rekenen oefenen, is het belangrijk dat je als ouder erbij gaat zitten (zeker in het begin) en goed in de gaten houdt wat er precies wordt gevraagd in het oefenprogramma.

Er zijn vele websites te vinden met ‘oefeningen rekenen’. Dit is echter vaak een onoverzichtelijke brei van oefeningen. Ook zit er geen opbouw in de sommen (van makkelijk naar moeilijk). Het is verstandig om eerst te onderzoeken met welke sommen jouw kind problemen heeft. Of met welke somsoorten jouw kind een flinke vooruitgang kan boeken. Hoe je dat doet? Lees de volgende tips:

Apps om rekenen mee te oefenen

Deze website biedt een overzicht van alle (gratis) apps er beschikbaar zijn voor rekenen. Met deze apps kun je op een tablet of mobiel oefenen.

 

reken apps

 

Je kunt kiezen uit apps voor Android, Windows, iPad of iPhone. Zo zijn er apps waarmee je verschillende aspecten van rekenen oefent. Dus bijvoorbeeld optellen, aftrekken en tafels in één. Er zijn ook apps die zich richten op één soort oefening. Aan de linkerkant van de website heb je weer de mogelijkheid om je voorkeuren aan te geven.

Overigens is het ook mogelijk om voor groep 8+ te kiezen, mocht je kind bovengemiddeld presteren in rekenen.

 

Als rekenen niet vanzelf gaat

Het opsporen van de oorzaak van rekenproblemen is complex, omdat er veel verschillende aspecten zijn die van invloed kunnen zijn. Allereerst kun je rekenproblemen in drie hoofdcategorieën verdelen:

Voorbeelden van school gerelateerde oorzaken zijn:

Voorbeelden van omstandigheden gerelateerde oorzaken zijn:

Voorbeelden van kind gerelateerde oorzaken zijn:

Vaak is het een combinatie van verschillende factoren, wat het nog lastiger maakt in de keuze: hoe juiste hulp te bieden?

Zodra leerkrachten vermoeden dat een leerling kind gerelateerde rekenproblemen heeft, zal hij, in overleg met een intern begeleider, een zogenaamd rekendossier opbouwen.

Hierin staat welke hulp de school (leerkrachten) heeft geboden en wat daarvan het resultaat was. Als blijkt dat veel extra hulp is ingezet zonder dat er aantoonbare verbeteringen hebben plaatsgevonden dan zal de leerkracht met de ouders bespreken of een psychologisch onderzoek een logische volgende stap is. Er kan dan bijvoorbeeld onderzoek gedaan worden naar dyscalculie.

Meer lezen over rekenproblemen? Bekijk de volgende artikelen:

Video's met uitleg en leuke spelletjes

Bekijk de video-uitleg over sommen en de leukste spelletjes met rekenen:

Vragen en antwoorden

Hoe lang kun je rekenen oefenen?

Een goed uitgangspunt is om in groep 3 kinderen 10 minuten per dag te laten oefenen. Per groep kun je daar steeds 10 minuten bij optellen. Dus bijvoorbeeld een kind in groep 5 zou per dag 30 minuten aan oefenen kunnen besteden (Bron: ‘Wat echt werkt, 27 evidence based strategieën voor het onderwijs, David Mitchell, 2015). Elke dag of om de dag even oefenen is veel effectiever dan in een paar dagen een heel oefenboek doornemen. Zo kan je kind zich goed concentreren en met een blij gevoel stoppen met oefenen.

Waarom is rekenen belangrijk?

Goed kunnen rekenen is belangrijk om je in de maatschappij te kunnen redden. Bijvoorbeeld om in het voortgezet onderwijs goed mee te kunnen komen bij vakken als wiskunde en natuurkunde, maar ook bij vakken als tekenen en economie. Bij haast alle vakken wordt gerekend. Ook vragen vrijwel de meeste beroepen kennis van rekenen. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Een diëtist die moet kunnen uitrekenen hoeveel je van iets mag eten
  • Een makelaar die moet uit kunnen rekenen wat je per maand betaalt aan hypotheek met een hypotheek van €250.000, – en of je dan nog budget hebt om de badkamer te verbouwen
  • Een schilder die verf in de juiste verhoudingen moet kunnen mengen
  • Enzovoort, enzovoort…

Daarnaast is het natuurlijk belangrijk dat je kunt uitrekenen of je niet teveel hebt betaald in de winkel, hoelang je ongeveer onderweg bent als je fietst van Rotterdam naar Rhoon en dat je de juiste hoeveelheden kunt afwegen als je een cake gaat bakken. Je ziet: eigenlijk reken je de hele dag!