Bussommen groep 3 oefenen met de beste aanpak (5 stappen)

Al snel na de start met rekenen in groep 3 krijgen kinderen te maken met bussommen. Het echte rekenen gaat beginnen! Bussommen worden in groep 3 gebruikt om de leerlingen kennis te laten maken met de rekentekens + en –. Ze zijn een goed voorbeeld van realistisch rekenen.

Op school gebruikt de leerkracht bij rekenen in deze fase de termen ‘erbij’ en ‘eraf’. Het is aan te raden om tijdens jouw uitleg deze termen ook te gebruiken!

Bekijk ook:

Wat zijn bussommen?

Een bussom laat een plaatje zien van een bus met daarbij mensen die in of uit de bus stappen. De meeste kinderen kennen de functie van een bus. Mocht je ergens wonen waar openbaar vervoer geen deel uitmaakt van het dagelijkse straatbeeld, dan is het goed om eerst uit te leggen waarvoor een bus dient. Schenk daarbij genoeg aandacht aan de rol van de bus en de passagiers.

De bus rijdt langs bushaltes om mensen op te halen en naar een andere halte te brengen. Mensen kunnen bij elke halte ook weer uitstappen. Er zit dus steeds weer een ander aantal mensen in de bus.

Niet elk kind ziet direct de logica van dit soort sommen. Zo hebben kinderen die oog hebben voor detail een ‘probleem’ met het feit dat de buschauffeur soms niet getekend wordt. “Ja maar… wie stuurt de bus dan?” kan dit kind zich afvragen.

Andersom komt ook voor: sommige afbeeldingen van bussommen hebben de chauffeur wel getekend, terwijl deze in de som niet meedoet. Ook dat kan kinderen in verwarring brengen…

De beste aanpak: 5 spelletjes als voorbereiding op de bussommen

Zodra je merkt (of van de leerkracht hoort) dat je kind niet makkelijk meekomt, kun je de volgende vaardigheden oefenen (oplopend in moeilijkheidsgraad).

Spelsuggestie 1, 2 en 3 zijn ook leuk tijdens een autoritje. 🙂

Spelsuggestie 1

  • Tellen tot 10, tot 15 en tot 20.
  • Terugtellen vanaf 10.
  • Terugtellen vanaf 20 (belangrijke vaardigheid om eraf-sommen tot 20 (snel) te kunnen maken).
  • Door- en terugtellen vanaf elk genoemd getal onder de 20.

Bovenstaande spelletjes bevorderen de kennis van de getallenrij.

Spelsuggestie 2

  • Jij noemt een getal onder de 10 en je kind vult aan tot 10. Dus jij zegt 4 en jouw kind zegt dan 6.
  • Jij noemt een getal tussen de 10 en 20 en je kind vult aan tot 20. Dus jij zegt 14 en je kind zegt dan 6.
  • Jij noemt een getal onder de 10 en je kind vult aan tot 20. Jij zegt bijvoorbeeld 4 en je kind zegt dan 16.

Bovenstaande spelletjes maken dat je kind getallen kan aanvullen tot een tiental. Deze vaardigheid kan je kind goed gebruiken bij het maken van sommen tot 100 met overschrijding van het tiental. Deze sommen worden in groep 4 aangeboden.

Spelsuggestie 3

Splitsen:
Je noemt een getal onder de 10 en je kind splitst dit getal.

Voorbeeld:
Jij zegt 8.
Je kind zegt dan: “8 kun je splitsen in…

  • 0 en 8
  • 1 en 7
  • 2 en 6
  • 3 en 5
  • 4 en 4
  • 5 en 3
  • 6 en 2
  • 7 en 1
  • 8 en 0″

Daarna kun je overstappen op splitsen tot 15 en later tot 20. Ook deze vaardigheid kan je kind goed gebruiken bij het maken van sommen tot 100 met overschrijding van het tiental. Deze sommen worden in groep 4 aangeboden.

Spelsuggestie 4

Je kunt als voorbereiding op de bussommen samen met je kind “busje” spelen. Zet bijvoorbeeld 10 stoelen in rijen van 5 naast elkaar, met daartussen een gangpad. Poppen en knuffels kunnen in- en uitstappen. De 5 stoelen achter elkaar kunnen je kind helpen om de zogenaamde 5-structuur te begrijpen en daardoor sneller te leren tellen (als je kind eenmaal weet dat een hand vol 5 is, dan hoeft het die 5 reizigers niet meer na te tellen).

Spelsuggestie 5

Je kunt de bussommen ook concreet maken door een eierdoos te gebruiken. Je knipt het deksel eraf. Kleine poppetjes (bijvoorbeeld van Playmobil) kunnen de passagiers spelen. Om de 5-structuur duidelijk te maken, kun je aan de binnenkant van de eierdoos een rij wit (5 plaatsen) en een rij rood (5 plaatsen) kleuren.

Werkbladen Groep 3 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 4 Rekenen (Gratis)

Bussommen in groep 3, wat gaat eraan vooraf?

Het is belangrijk dat je kind de tussendoelen van rekenen in groep 1/2 beheerst. Deze zijn de basis waarop je kind verder kan leren rekenen.

In bussommen worden de rekentekens + (zeg: erbij) en – (zeg: eraf) gebruikt. Deze worden ondersteund met pijlen. De pijlen in de tekening geven als het ware de leesrichting én de handeling weer. Later wordt daar het =-teken ( zeg: is) aan toegevoegd.

Kinderen leren het makkelijkst wanneer je zoveel mogelijk dezelfde termen gebruikt. Combineer daarom ‘instappen’ met de term ‘erbij’ en ‘uitstappen’ met de term ‘eraf’.

Het doel van de bussommen is dat je kind met + en – leert omgaan en deze rekentekens ook gaat automatiseren. Automatiseren houdt hier in dat je kind na niet al te lange tijd zonder het plaatje van de bus moet weten wat het moet doen als er + of – in het rekenboek staat. Kinderen maken met behulp van bussommen niet alleen kennis met + en –, maar leren zo ook sommen maken tot 10.

Tegen het eind van groep 3 maakt je kind kennis met sommen tot 20. Deze sommen kun je onderscheiden in sommen tot 20 zonder overschrijding van het tiental (bijvoorbeeld 11 + 4 =  of 18 – 5 = ) en sommen tot 20 met overschrijding van het tiental (bijvoorbeeld 16 – 8 = of 7 + 9 =).

bussommen-uitstappen

Bussommen groep 4 met sommen tot 20

In groep 4 worden sommen tot 10 herhaald. Snel daarna gaat de rekenmethode verder met sommen tot 20. Eerst zonder overschrijding van het tiental, daarna met overschrijding van het tiental. Je kind kan deze sommen veel gemakkelijker maken wanneer het handig is geworden met de spelletjes die we hierboven beschreven.

bussommen-groep-4

Bussommen groep 3 werkblad

bussommen groep 3 werkblad

Bussommen groep 4 werkblad

bussommen groep 4 werkblad

Bekijk ook:

Werkbladen Groep 3 Rekenen (Gratis)

Werkbladen Groep 4 Rekenen (Gratis)

Mirjam de Reus

Mirjam is Remedial Teacher en volgde de PABO (Bachelor of Education)

Gerelateerde artikelen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.