Begrijpend Lezen groep 6: uitleg en oefenen

In dit artikel krijg je uitleg en oefenmateriaal voor begrijpend lezen groep 6. We geven je ook inzicht in de CITO begrijpend lezen groep 6 en je krijgt de beste tips om jouw kind te helpen bij begrijpend lezen.

De wereld bestaat voor een groot deel uit geschreven taal. Als je kind net leert lezen is het vaak nog volop bezig om alle letters en klanken onder de knie te krijgen. Dan gaat de aandacht nog niet zozeer uit naar waar de tekst over gaat, maar meer naar wat er nu precies staat.

Nu je kind in groep 6 zit, zal hij de techniek ondertussen redelijk goed onder de knie hebben en zijn aandacht meer kunnen richten op de inhoud van de tekst. Hierdoor is je kind in staat om geschreven taal steeds beter te begrijpen. Hoe goed je kind in staat is om diverse geschreven teksten te begrijpen, wordt op school gemeten met toetsen.

De meeste scholen gebruiken hiervoor de CITO Toetsen Begrijpend Lezen. In dit artikel lees je wat de CITO Toets Begrijpend Lezen groep 6 inhoudt en hoe jij je kind kunt ondersteunen bij het vaardig worden in het begrijpend lezen.

Bekijk hieronder 3 tips voor ouders:

Leerlijnen Begrijpend Lezen groep 6

Op de basisschool van je kind werken de leerkrachten met leerlijnen. Deze leerlijnen zijn landelijk vastgesteld. Dat betekent dat de school verplicht is om de leerlijnen aan te bieden en ervoor te zorgen dat je kind daarin groeit naar zijn eigen mogelijkheden. Er zijn leerlijnen voor de vakken rekenen en taal. Begrijpend lezen valt onder de leerlijn taal, maar ook technisch lezen en spelling horen bij de leerlijnen taal.

Een leerlijn start in groep 1, als je kind net naar school gaat en eindigt in groep 8, als je kind weer van school afgaat. In deze 8 jaar heeft je kind een onderbroken leerlijn aangeboden gekregen en een uitstroom niveau bereikt. Hoe de school dit aanbiedt mag de school, of het bestuur waar de school onder valt, zelf bepalen. De meeste scholen kiezen ervoor om methodes aan te schaffen, waar deze leerlijnen in zijn verwerkt. Klik hier voor meer informatie over de verschillende begrijpend lezen methodes.

Als ouder heb je niet altijd een beeld bij wat je kind nu precies moet kunnen in welk leerjaar. Je kind komt vast wel eens thuis met een gemaakte begrijpend leestekst, of vertelt iets over het onderwerp dat is behandeld tijdens de begrijpend leesles. Daarom is het wellicht fijn om als ouder inzicht te krijgen in de leerlijn begrijpend lezen van groep 6, zodat je thuis in kunt spelen op vaardigheden die je kind ook op school krijgt aangeboden:

  • herkent een meningtekst
  • herkent een inleiding bij een tekst en de opbouw in delen
  • herkent de grafische vormgeving van een tekst
  • leest teksten op minimaal M5 en E5 niveau vlot en vloeiend
  • herkent diverse signaalwoorden
  • geeft het belangrijkste in een alinea aan
  • herkent betekenisrelaties tussen zinnen en alinea’s
  • herkent de structuur van verschillende soorten teksten
  • leidt de betekenis van een moeilijk woord af aan de context van de tekst

Met deze kennis over leerlijnen kun je je kind af en toe attenderen op het toepassen van vaardigheden. Je kunt bijvoorbeeld specifiek vragen of het in een tekst om een feit of een mening gaat, en hoe je deze herkent? Of je vraagt of je kind weet wat voor soort tekst het is, bijvoorbeeld een informatieve tekst, een gedicht of een verhaal?

Bekijk ook de artikelen en video’s over:

Begrijpend lezen tekst groep 6

De teksten voor begrijpend lezen in groep 6 voldoen dus aan de leerlijnen zoals we net hebben kunnen lezen. Je kind krijgt elke week verschillende soorten teksten aangeboden waarbij het toepassen van verschillende strategieën heel belangrijk is. De meeste methodes voor begrijpend lezen werken met de volgende leesstrategieën:

  • voorspellen & voorkennis activeren
  • ophelderen van onduidelijkheden
  • samenvatten
  • vragen stellen
  • verbanden leggen

Deze strategieën zorgen ervoor dat je kind de tekst beter begrijpt.

Om beter te begrijpen wat voor soort vragen er in groep 6 bij de teksten worden gesteld, volgt hier een voorbeeld. Het gaat hier om de tekst ‘Zintuigen’. Een informatieve tekst waarbij het doel is dat je kind nieuwe informatie over het onderwerp begrijpt.

Voorbeeld uit de tekst ‘Zintuigen’:
In jouw verschillende lichaamsdelen zitten eigenlijk een soort draadjes die naar je hersenen gaan. Dat klinkt heel raar maar is echt waar. We noemen die draadjes ook wel ‘zenuwcellen’. Stel je komt thuis en je ruikt dat je vader aan het koken is. Dan krijgt je neus een prikkel die je hersenen vertelt dat er wordt gekookt.

Vraag 3
Waar zorgen de draadjes in jouw lichaamsdelen voor?

Dat je bloed beter stroomt naar je hersenen zodat je zintuigen goed werken
Dat je beter kunt nadenken
Dat je hersenen een prikkel krijgen van de draadjes zodat je je omgeving begrijpt
De draadjes prikkelen in je lichaam waardoor je kunt voelen, ruiken, horen, zien en proeven

Met dit voorbeeld wordt duidelijk dat je kind leert inzicht te krijgen in verbanden tussen zinnen. De draadjes in de hersenen veroorzaken een reactie. Dat verband moet terug te lezen zijn in het antwoord. Dus in dit geval is antwoord C het juiste antwoord. Het herkennen van het signaalwoord ‘zodat’, is hierbij helpend.

Behalve het herkennen van signaalwoorden en begrijpen van de zinnen en woorden, wordt er nog een vaardigheid gevraagd van je kind, namelijk het kunnen kiezen tussen de verschillende antwoorden. De zogenaamde multiple choice vragen. Sommige antwoorden lijken namelijk erg op elkaar, maar kunnen onderling net even verschillen, waardoor je kind wellicht in verwarring kan raken. Het goed kunnen afwegen en vergelijken is dus net zo belangrijk.

Een ander voorbeeld komt uit de tekst ‘Op vakantie naar Frankrijk’. Dit is een verhalende tekst om de lezer te vermaken. De tekst heeft vooral als doel om de woordenschat te ontwikkelen, verbanden te leggen en te kunnen samenvatten.

Voorbeeld uit de tekst ‘Op vakantie naar Frankrijk’:
De auto zit propvol en Janna, Ruben en Marnix zitten dicht tegen elkaar aan op de achterbank. Bovenop de auto hebben ze nog een dakkoffer. Het is een oudje die je met riempjes moet vastzetten.

Vraag 5
In de tekst staat: ‘Het is een oudje’. Waar verwijst ‘het’ naar?

Naar de auto
Naar papa
Naar de achterbank
Naar de dakkoffer

Bij deze vraag wordt er gevraagd naar de betekenis van het verwijswoord ‘het’. In dit geval verwijst het woordje ‘het’ naar de dakkoffer en is antwoord D het juiste antwoord.

Begrijpend Lezen oefenen groep 6

Als ouder kun je je kind ondersteunen door van jongs af aan veel voor te lezen en/of het kind zelf te laten lezen. Zo help je je kind in eerste instantie bij de technisch leesontwikkeling en krijgt je kind ook plezier in het lezen. Stel op een speelse manier vragen over het boek. Laat je kind bijvoorbeeld samenvatten wat het heeft gelezen of stel een vraag waarbij je kind het antwoord moet terugzoeken in de tekst.

Om de woordenschat te stimuleren is het belangrijk dat je zelf gebruik maakt van een rijke woordenschat. Maak je zinnen niet te eenvoudig maar benoem gerust ook moeilijke woorden. Als je kind het niet begrijpt kun je het altijd nog uitleggen. Zo pikt je kind ongemerkt veel nieuwe woorden op en dat maakt de woordenschat steeds groter. 

Voor kinderen is begrijpend lezen op school niet altijd even makkelijk. Sterker nog, veel kinderen vinden het best moeilijk. Als ouder kun je je kind prima ondersteunen bij het ontwikkelen van deze vaardigheid.

Begrijpend Lezen oefenen groep 6

Op deze manier train je je kind om het antwoord terug te lezen in de tekst. Vaak zijn kinderen namelijk geneigd om het antwoord dat ze in hun hoofd hebben aan te kruisen, maar dat is niet altijd het correcte antwoord. Eén van de belangrijkste vaardigheden is het teruglezen. Met dit stappenplan kun je je kind dus daarbij helpen.

CITO Toets Begrijpend lezen groep 6

Om de vorderingen van je kind op begrijpend lezen te meten, neemt de leerkracht behalve de methodegebonden toetsen, ook 2x per jaar de CITO Toets Begrijpend Lezen af. Dit kan ook een andere toets zijn zoals de IEP. In groep 4 en 5 wordt er vooral gekeken hoe goed je kind de tekst kan ‘begrijpen’ en ‘interpreteren’. Vanaf groep 6 worden er ook andere vaardigheden getoetst. Behalve ‘begrijpen’ en ‘interpreteren’ wordt er ook gekeken naar de vaardigheden ‘opzoeken’ en ‘samenvatten’.

Ook gaan vanaf groep 6 de resultaten op o.a. begrijpend lezen een belangrijke rol spelen in het advies voor de middelbare school. Dit geldt ook voor rekenen. Deze beide vakken zijn belangrijk om het juiste niveau te bepalen voor je kind.

De vier vaardigheden ‘begrijpen’, ‘interpreteren’, ‘opzoeken’ en ‘samenvatten’ komen in verschillende opgaven voor. Er zijn vijf soorten opgaven:

1. Openplaatsopgaven
in de tekst is dan een zin of een woord weggelaten. Je kind moet dan de beste optie kiezen dat het beste op die plek past
2. Voorspelopgaven
voordat de tekst gelezen wordt mag je kind alvast een voorspelling doen waar de tekst mogelijk over zal gaan. Dat kan aan de hand van de titel en/of de plaatjes zijn
3. Tekstopgaven
je kind moet hierbij vragen beantwoorden over de tekst of een deel van de tekst
4. Opzoekopgaven (vanaf groep 6)
hierbij moet je kind specifieke informatie opzoeken in hulpbronnen en deze gebruiken
5. Samenvatopgaven (vanaf groep 6)
hier gaat het om het beantwoorden van vragen over alinea’s en de tekst als geheel.

De uitslag van de CITO Toets Begrijpend lezen

Na de CITO afnames krijgt het kind een rapport waarop je als ouder kunt lezen hoe je kind het heeft gedaan. Vaak is er ook een oudergesprek op school met de leerkracht van je kind om het rapport door te spreken. Als je kind in de bovenbouw van school zit, kun je al een goed vergelijk maken met de vorige scores van je kind. Je kunt dan zien in hoeverre je kind vorderingen heeft gemaakt. Gaat hij in dezelfde ontwikkellijn verder of zie je een vooruitgang of misschien wel een achteruitgang in de resultaten.

De uitslag op de CITO kan soms vragen oproepen bij jou als ouder. Wat betekent het als je kind van een II score naar een III score is gegaan? En wat zeggen de scores op de CITO Toetsen over het niveau van je kind? In het artikel over de CITO scores kun je lezen wat je als ouder kunt doen wanneer je vragen hebt over de uitslag van de CITO Toetsen. Bij opvallende scores op begrijpend lezen is het belangrijk dat je de leerkracht vraagt naar de andere resultaten op taal zoals spelling, technisch lezen, woordenschat en begrijpend luisteren.

Als je kind op alle taalonderdelen zwak scoort dan is het duidelijk dat je kind moeite heeft met talige opdrachten. Wellicht gaat het rekenen beter en zie je daar dus een verschil. Zijn de resultaten op begrijpend lezen opvallend zwakker dan de andere taalonderdelen dan is het goed om verder te bespreken hoe dat kan. Welke verklaring heeft de leerkracht voor de opvallende score? Wat observeert de leerkracht tijdens de lessen en hoe verhouden de scores zich tot de methodegebonden toetsen? Het gaat erom dat je de score in relatie tot elkaar plaatst.

Begrijpend Lezen groep 6 werkbladen

Als uit het oudergesprek met de leerkracht blijkt dat je kind moeite heeft met begrijpend lezen, dan kun je thuis samen met je kind aan de slag door de werkbladen met teksten en vragen te maken.

Marja Wouda

Marja (MSEN) is Remedial Teacher, Intern Begeleider, Kindercoach en behaalde een Bachelor of Education (PABO) en een Master SEN.

Gerelateerde artikelen

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *