Je Kind Beter Laten Scoren Met (Cito) Rekenen? Download onze Gratis Oefenbladen Rekenen
[PDF] Direct Toegang

Page content

Schooladvies groep 8: hoe komt het schooladvies tot stand?

Schooladvies groep 8: hoe komt het schooladvies tot stand?

Voor kinderen (en hun ouders) uit groep 8 van de (gewone) basisschool zijn de eerste maanden van het jaar een spannende tijd. Eerst een tijd van afwachten: wat wordt het definitieve advies voor het vervolgonderwijs? En vervolgens het uitzoeken van een school. Hoe komt zo’n schooladvies nu tot stand? Wat speelt allemaal mee, en hoe kom je zelf als ouder en kind tot de keuze voor een school waarop jouw kind het best uit de verf komt?

Voorlopig schooladvies groep 7

De meeste scholen geven in groep 7 al een voorlopig advies, zodat ouders zich vast kunnen gaan oriënteren op scholen die in aanmerking komen. Ouders van groep 7-leerlingen gaan dan vaak ook al op de open dagen van de scholen kijken. Deze worden meestal rond februari gehouden.

Dit advies in groep 7 wordt vaak gebaseerd op de gemaakte Entreetoets in combinatie met de andere toetsen uit het (Cito) leerlingvolgsysteem, met name de resultaten vanaf groep 6. De scores voor  begrijpend lezen en rekenen tellen het zwaarst mee voor het schooladvies. Dit is omdat begrijpend lezen bij de meeste vakken in het voortgezet onderwijs belangrijk is, en omdat rekenen de basis is van wiskunde maar ook belangrijk is bij de andere bètavakken.

Cito scores en schooladvies

Sinds schooljaar 2014-2015 zijn de basisscholen verplicht om te werken met een leerlingvolgsysteem (lvs). In dit lvs worden in ieder geval de vordering op het gebied van taal en rekenen bijgehouden. Er bestaan verschillende leerlingvolgsystemen. Scholen mogen zelf bepalen welke toetsen en met welk lvs ze werken. De meeste scholen werken met de cito-toetsen en het lvs van Cito.

De gegevens uit het lvs worden gebruikt voor het rapport. Meestal staat daarin een gemiddeld cijfer dat je kind gehaald heeft op de methodetoetsen, en staan de uitslagen van de lvs-toetsen apart vermeld of zijn ze af te lezen in bijgevoegde grafieken. Deze grafieken geven in één oogopslag een duidelijk beeld van de resultaten en vooruitgang van je kind op de kvs-toetsen.

De lvs-gegevens worden ook gebruikt voor het onderwijskundig schoolrapport (okr). Dit okr wordt geschreven op het moment dat je kind naar een andere basisschool gaat, of naar het voortgezet onderwijs. In het rapport staan de behaalde resultaten, maar ook gegevens over de ontwikkeling, het gedrag, het schoolverzuim en eventuele extra ondersteuningsbehoeften van je kind.

Het okr wordt ook meegegeven aan kinderen van de basisschool naar het speciaal basisonderwijs worden overgeplaatst. Deze kinderen kunnen ook doorstromen naar het vmbo (en soms naar de havo/vwo), naar het praktijkonderwijs of naar het voortgezet speciaal onderwijs. Niet alle kinderen in het speciaal onderwijs maken een eindtoets. Vaak wordt er wel een Drempeltoets of een NIO-toets afgenomen.

schooladvies en de citotoets

Schooladvies en de Citotoets

In het verleden werd het advies voor het vervolgonderwijs voor een deel gebaseerd op het resultaat van de eindcitotoets. Deze werd in februari afgenomen. Sinds het schooljaar 2014-2015 wordt de eindtoets pas in april afgenomen. Dit heeft 2 redenen:

  • De onderwijstijd in groep 8 wordt zo goed mogelijk benut. In het verleden werd na het maken van de eindcitotoets het onderwijs vaak op een lager pitje gezet.
  • De vervolgscholen krijgen nu de meest recente gegevens over het niveau van de nieuwe leerlingen.

De score op de eindcitotoets is minder bepalend, aangezien het schooladvies al eerder gegeven moet worden. Het advies wordt daardoor nu meer gebaseerd op de resultaten in het hele lvs, met name vanaf groep 6. Bovendien weegt de visie van de leerkracht nu zwaarder.

Alle leerlingen maken dezelfde eindtoets. Dat is een periode anders geweest: leerkrachten konden ervoor kiezen om bepaalde leerlingen een toets te laten maken op een lager niveau (de zogenaamde N-toets). Maar sinds afgelopen jaar is het verplicht om alle leerlingen dezelfde eindtoets te laten maken. Wel kan er nu gekozen worden voor de (adaptieve) digitale eindtoets. Deze toets past de vragen aan aan het niveau dat je kind gedurende de toets laat zien. Heeft het een aantal vragen fout gemaakt, dan krijgt het makkelijkere vragen. Dat voorkomt frustratie en faalangst. Laat je kind zien dat de vragen te makkelijk zijn, dan worden de vragen moeilijker.

De school bepaalt welke eindtoets gemaakt wordt. Vaak is het een combinatie: het grootste deel van de klas maakt de papieren toets, maar kinderen waarvan wordt verwacht dat de toets te moeilijk of juist te makkelijk is, of kinderen met bijvoorbeeld dyslexie, maken hem digitaal.

Veel kinderen geven overigens ook de voorkeur aan een toets op papier.

Welke Eindtoetsen zijn er voor groep 8?

De laatste jaren zijn er steeds meer (eind)toetsontwikkelaars bijgekomen. Voordat de toetsen gebruikt mogen worden, moet eerst worden beoordeeld of ze voldoende betrouwbaar zijn. Vervolgens wordt deze beoordeling om de 4 jaar herhaald.

Dit zijn de toetsen die op dit moment goedgekeurd en in gebruik zijn:

IEP-eindtoets

De opgaven van deze digitale eindtoets lopen op in moeilijkheidsgraad. Het is de enige toets die ook open vragen stelt (dus geen meerkeuzevragen).

Route 8

Dit is ook een adaptieve toets. Juist beantwoorde vragen leiden tot moeilijkere vragen en andersom. Bij beter presterende leerlingen worden de makkelijke vragen overgeslagen.

Dia-eindtoets

Dit is ook een adaptieve, digitale eindtoets. De toets wordt in 3,5 uur gemaakt. Bij het rekengedeelte worden veel afbeeldingen gebruikt, om het gebruik van taal zoveel mogelijk te vermijden.

Deze eindtoetsen meten allemaal wat je kind heeft geleerd in de afgelopen 8 jaar. Soms neemt de school bij een aantal kinderen ook nog een NIO-toets of een drempeltoets af om tot een beter advies te komen. Deze toetsen zijn intelligentietoetsen. Ze toetsen wat je kind ‘in huis heeft’.

Waar letten leerkrachten op?

Leerkrachten in groep 8 kijken voor hun schooladvies niet alleen naar de resultaten in het lvs. De meeste leerkrachten kijken gedurende het hele jaar naar andere belangrijke factoren.

  • Zelfstandig werken: is je kind in staat om zichzelf aan het werk te zetten en te houden. Lost het zelf kleine problemen op? Kan je kind een planning maken en zich eraan houden? Maakt het werkstukken en spreekbeurten zelf of heeft het jouw hulp nodig?
  • Leermotivatie: vindt je kind leren leuk? Is het op school en thuis leergierig? Stelt het vragen tijdens de les of zoekt het zelf meer informatie op?
  • Huiswerkattitude: Denkt jouw kind zelf aan het huiswerk? Gaat het zelf aan de slag of moet je er zelf bovenop zitten? De leerkracht kijkt of het huiswerk op tijd wordt ingeleverd en of er tijd aan besteed is of dat het afgeraffeld is.
  • Zelfvertrouwen: is je kind faalangstig en vraagt het voortdurend om bevestiging?
  • Concentratie: is je kind in staat om zich langere tijd te concentreren of is het snel afgeleid?


Al deze factoren hangen natuurlijk met elkaar samen. Als de leerstof jouw kind niet zo boeit, zal het ook niet zo gemotiveerd zijn, en zal het zich ook niet zo lang erop concentreren. Een faalangstig kind zal ook niet zo makkelijk zelfstandig kunnen werken omdat het regelmatig bevestiging nodig heeft.

Maar het zijn wel allemaal factoren die van belang zijn bij het kiezen van het niveau van het vervolgonderwijs en het soort school.

Niveaus voortgezet onderwijs

Ongeveer de helft van de leerlingen gaat naar een havo of vwo. De andere helft gaat naar het vmbo.

Er zijn verschillende niveaus op het vmbo:

  • Basisberoepsgerichte leerweg (bl) – 75% praktijk, 25% theorie
  • Kaderberoepsgerichte leerweg (kl) – 50% praktijk, 50% theorie
  • Gemengde leerweg (gl) – 25% praktijk, 75% theorie
  • Theoretische leerweg (tl); soms mavo genoemd – 100% theorie (eventueel 1 beroepsgericht vak)

Op de havo en het vwo wordt een behoorlijke mate van zelfstandigheid verwacht. Zelf de stof doornemen en voorbereiden, zelf aangeven als je iets niet snapt en/of zelf hulpbronnen zoeken. Heb je een kind dat slim genoeg is, maar het liefst thuis gelijk naar buiten rent om te gaan voetballen? Zoek dan naar een school die intensieve huiswerkbegeleiding biedt in de vorm van huiswerkklassen. Je kind gaat dan pas naar huis als het huiswerk af is. Op die manier vermijd je thuis conflicten. Of kies, in overleg met de leerkracht, voor een niveau lager. Je kind kan dan altijd nog doorgroeien naar een hoger niveau.

Op het vmbo wordt, afhankelijk van het niveau, wat minder zelfstandigheid en zelfredzaamheid verwacht. Er is vaak ook wat minder huiswerk en meer huiswerkbegeleiding. Er zijn ook vmbo’s die leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) bieden voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben. De basisschool geeft in het schooladvies aan of jouw kind daarvoor in aanmerking komt.

Welk schooladvies past bij mijn kind?

Veel ouders zien hun kind het liefst naar havo of vwo gaan, of als dat niet lukt dan toch tenminste vmbo-t, wat vroeger (en tegenwoordig ook soms weer) mavo heette.

Natuurlijk wil je ‘alles eruit halen wat erin zit’, maar intelligentie of leervermogen is maar één aspect van je kind. Het kan best zijn dat je kind slim genoeg is voor havo of vwo, maar dat het er toch niet gelukkig wordt, omdat het niet houdt van leren, maar liever buiten speelt, sport, muziek maakt of creatief bezig is. Het is voor zijn/haar toekomst ook niet bepalend: tegenwoordig is er een groot tekort aan mensen die met hun handen willen werken. Bovendien kan je kind, als het ‘het licht ziet’ na het vmbo altijd nog doorgroeien, tot aan de universiteit toe. In het overzicht hieronder zie je via welke weg dat dan zou kunnen.

welk schooladvies past bij mijn kind?

Andersom zijn er ook kinderen bij wie het leren misschien niet zo makkelijk gaat, maar die heel gemotiveerd zijn om havo of vwo te doen. Bijvoorbeeld omdat ze leren leuk vinden, of omdat ze een duidelijk doel voor ogen hebben. In mijn praktijk (voor remedial teaching) komen kinderen die heel graag een hoger schooladvies willen, en die met extra (tijdelijke) ondersteuning maar vooral motivatie, zelfdiscipline en hard werken dat ook inderdaad bereiken, en ook uiteindelijk slagen op dat niveau.

Jij als ouder kent jouw kind het beste, maar de leerkracht heeft wat meer zicht op het leerniveau van je kind. Voor een goede schoolkeuze is de visie van de ouders belangrijk, maar de leerkracht is degene die, vaak in overleg met ib-er, directie en andere leerkrachten die jouw kind goed kennen, het uiteindelijke advies geven.

Het schooladvies wordt tegenwoordig dus al opgesteld voordat de eindtoets is gemaakt. Maakt je kind de eindtoets beter dan verwacht? Dan moet de basisschool het schooladvies heroverwegen, en kan, in overleg met jou en je kind het schooladvies aanpassen.

Niet eens met schooladvies basisschool?

Ben je het niet eens met het schooladvies? Dan kun je een gesprek aanvragen met de leerkracht, ib-er of directeur van de basisschool. Als jullie er samen niet uitkomen, kun je eventueel gebruikmaken van de klachtenregeling van de school.

Je hoeft het schooladvies niet op te volgen. Je kan je kind ook aanmelden bij een ander schooltype en de middelbare school mag je kind toelaten. Maar in principe gaat de school uit van het advies van de school. Als je je kind aanmeldt bij een school, moet je het schooladvies meesturen.

Wat is de plaatsingswijzer?

In diverse regio’s (Friesland, Groningen, Zuidoost en -west Drenthe en Roosendaal) wordt gewerkt met de Plaatsingswijzer. Dit is een samenwerkingsverband tussen basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs.

Profielen

Per onderwijsniveau zijn er vier profielen waarop een leerling kan worden geadviseerd. Dit is omdat een leerling niet altijd voldoet aan de eisen, die vereist zijn voor het betreffende onderwijsniveau.

De profielen staan hieronder omschreven. Voor sommige profielen is het nodig, dat de basisschool extra informatie aanlevert. De vervolgschool ziet aan het gekozen profiel wat het niveau van de leerling is en of de leerling aanvullende begeleiding nodig heeft.

  1. Het Basisprofiel geeft aan  dat je kind het geadviseerde niveau zonder meer aankan.
  2. Het Plusprofiel geeft aan de je kind misschien meer in zich heeft dan het geadviseerde niveau, en mogelijk kan opstromen naar een hoger niveau.
  3. Het Bespreekprofiel geeft aan de je kind misschien niet helemaal voldoet aan de eisen voor het geadviseerde niveau, maar dat dat komt door er thuis of op school iets gebeurd is waardoor je kind tijdelijk minder goed presteert. De basisschool kan dan adviseren om je kind toch toe te laten.
  4. Het Disharmonisch profiel is het profiel voor leerlingen met een leerstoornis (bijv. dyslexie) of een diagnose op sociaal-emotioneel gebied (bijv. ASS of ADD) die door hun stoornis niet aan de eisen voor het betreffende onderwijsniveau lijken te voldoen, maar waarvan de basisschool verwacht dat zij dat niveau wel aankunnen.


vervolgonderwijs

Diverse soorten vervolgonderwijs

Naast de keuze voor het niveau van het vervolgonderwijs, kun je ook nog kiezen voor andere kenmerken van de middelbare school. Scholen voor voortgezet onderwijs kunnen aanvullend op het reguliere programma een extra programma (profiel) aanbieden, zoals voor topsporters, tweetalig onderwijs, cultuurprofielschole of technasia.

LOOT-scholen

LOOT is een afkorting van Landelijke Organisatie Onderwijs en Topsport. Als je kind een zogenaamde LOOT-status heeft, kan het op zo’n school onderwijs combineren met topsport, doordat er een op maat gemaakt onderwijsprogramma wordt aangeboden.

Tweetalig Onderwijs

Op scholen voor tweetalig onderwijs wordt de helft van de lessen in een andere taal gegeven. Meestal Engels maar soms ook Duits. Het tweetalig onderwijs wordt vooral op havo en vwo-niveau gegeven, maar er zijn ook tweetalige vmbo-scholen.

Cultuurprofielscholen

Op een cultuurprofielschool wordt veel gedaan aan toneel, muziek en dans, tekenen en schilderen en boetseren. Er worden ook regelmatig culturele excursies gedaan. Er zijn cultuurprofielscholen op zowel vmbo, havo en vwo-niveau.

Technasium

Technasiums besteden veel aandacht aan onderzoeken en ontwerpen. O & O (Onderzoek en Ontwerpen) is ook een examenvak. Het is belangrijk dat leerlingen goed leren nieuwe oplossingen te bedenken en nieuwe ontwerpen te maken. Technasiums zijn er op havo en vwo- niveau.

Onderwijsvisies

Deze scholen bieden allemaal iets extra’s qua vakken. Maar er zijn ook scholen die uitgaan van een bepaalde visie op leren:

Montessorischolen

Het Montessori-onderwijs richt zich niet alleen op kennis. Het vindt het ook belangrijk dat leerlingen o.a. leren kiezen, reflecteren, samenwerken en verantwoordelijkheid leren nemen. Leerlingen hebben vaak een grote mate van keuzevrijheid wat ze wanneer willen leren en welke lessen ze willen volgen.

Daltonscholen

Ook de Dalton-scholen vinden zelfstandigheid, samenwerking en eigen verantwoordelijkheid belangrijk. Er zijn Dalton-keuzewerktijd-uren waarbij leerlingen zelf kiezen waar, hoe en aan welke stof ze gaan werken. De leerstof is vaak onderverdeeld in taken waaraan leerlingen op hun eigen manier kunnen werken.

Jenaplanscholen

Op een Jenaplanschool zitten jongeren in een klas met verschillende niveaus door elkaar. Daardoor hebben ze langer de tijd om naar het niveau toe te groeien dat bij hun past. Er wordt veel aandacht besteedt aan ondernemen, plannen, creëren, samenwerken, reflecteren, verantwoorden, presenteren en talentontwikkeling.

Schoolkeuze middelbare school

Er valt dus heel wat te kiezen: niveau, soort school, en dan is het ook maar net de vraag of de school van jullie keuze ook nog in de directe omgeving beschikbaar is.

Op deze website zie je gauw welke scholen beschikbaar zijn in je omgeving.

Mirjam Schumacher

cito werkbladen rekenen

 

    Comment Section

    2 reacties op “Schooladvies groep 8: hoe komt het schooladvies tot stand?


    Door danielle op 4 september 2018

    Leuk dat je als onderwijs het jenaplan noemt maar volgens onze school is dat alleen voor de basisschool. Kunt u mij zeggen of dat inderdaad zo is.


    Plaats een reactie


    *