Cijferend aftrekken wordt meestal geïntroduceerd in groep 5 of 6, nadat kinderen voldoende basisvaardigheden hebben ontwikkeld in optellen en aftrekken. De exacte timing kan per school verschillen, afhankelijk van de gebruikte rekenmethode en het tempo van de klas.
Bij kolomsgewijs aftrekken splits je de getallen eerst in honderdtallen, tientallen en eenheden en trek je deze afzonderlijk van elkaar af. Bij cijferend aftrekken werk je direct met de cijfers onder elkaar en gebruik je het leensysteem. Cijferend aftrekken is compacter maar vereist meer inzicht in het positiestelsel.
Leg uit dat je bij lenen eigenlijk tien eenheden ‘leent’ van een hogere positie (bijvoorbeeld van de tientallen). Gebruik concreet materiaal zoals MAB-blokken of bundeltjes van tie ijsstokjes om te laten zien hoe je een tiental kunt omwisselen voor tien eenheden. Visualiseer het proces stap voor stap en oefen veel.
We beginnen bij de eenheden (rechts) omdat het lenen invloed heeft op de cijfers links ervan. Als je zou beginnen bij de honderdtallen (links), zou je mogelijk later ontdekken dat je moet lenen, waardoor je eerdere berekeningen niet meer kloppen. Door rechts te beginnen, voorkom je dit probleem.
Onze videobijlessen zijn ontwikkeld door onderwijsexperts en sluiten volledig aan bij de lesstof op school. De uitleg volgt de aanpak die kinderen gewend zijn, waardoor verwarring wordt voorkomen. Als je twijfelt, kun je altijd navragen bij de leerkracht welke methode zij gebruiken.
Veel video’s op onze website zijn volledig gratis te bekijken. Bij video’s met ‘Bekijk gratis preview’ is alleen een korte versie beschikbaar. Wil je toegang tot de volledige videobijles? Dan kun je het bijpassende pakket naar keuze bestellen via de voorbeeldvideo-pagina of in onze shop.
De videobijles helpt je kind om de stof goed te begrijpen, maar oefenen is net zo belangrijk. Daarom raden we aan om het bijpassende oefenboek erbij te bestellen. Hiermee kan je kind niet alleen online oefenen met de videolessen, maar ook offline aan de slag om het geleerde toe te passen.
Ja! Je kind kan zelf bepalen wanneer en hoe vaak hij of zij een videobijles bekijkt. De lessen zijn gedurende een jaar beschikbaar en kunnen op elk moment gepauzeerd of herhaald worden. Zo kan je kind leren op zijn eigen tempo.
Je betaalt eenmalig voor de pakketten met videobijles en krijgt direct toegang voor een jaar. Er is geen abonnement en dus geen gedoe met opzeggen. Na betaling kun je de lessen zo vaak bekijken als je wilt, zonder verdere verplichtingen.
Als je kind na het bekijken van de video en het oefenen nog steeds moeite heeft met cijferend aftrekken, probeer dan terug te gaan naar eenvoudigere sommen. Controleer of je kind het positieschema begrijpt en of het concept van lenen duidelijk is. Bij aanhoudende problemen kan extra ondersteuning van een leerkracht of remedial teacher helpen.
Cijferend aftrekken is een rekenmethode waarbij je getallen netjes onder elkaar zet op papier. Je werkt hierbij van rechts naar links, beginnend bij de eenheden. Deze methode is ideaal voor kinderen die moeite hebben met hoofdrekenen of het onthouden van tussenstappen.
Bij cijferend aftrekken gebruik je een systematische aanpak die overzicht biedt en slordigheidsfouten vermindert. Het is vooral handig bij grotere getallen die te ingewikkeld zijn om uit het hoofd te berekenen.
Cijferen verschilt fundamenteel van hoofdrekenen. Bij hoofdrekenen los je sommen op door handige tussenstappen te nemen, meestal zonder papier. Je zoekt naar slimme rekenstrategieën die passen bij de specifieke getallen. Bij cijferend rekenen daarentegen werk je volgens een vast stappenplan. Je zet de getallen onder elkaar, zodat eenheden, tientallen en honderdtallen precies boven elkaar staan. Deze methode is minder flexibel maar biedt meer structuur en veiligheid voor kinderen die rekenen lastig vinden.
Voor cijferend aftrekken heb je het volgende nodig:
Het gebruik van ruitjespapier is sterk aan te raden voor cijferend rekenen. De ruitjes helpen om de getallen netjes onder elkaar te zetten, wat cruciaal is voor een correcte berekening. Een belangrijke regel die in de video wordt benadrukt, is dat in elk hokje maar een cijfer komt te staan (behalve bij het lenen).
Laten we het cijferend aftrekken stap-voor-stap doornemen aan de hand van een voorbeeld uit de video: 674 – 251.
Zet de getallen zo onder elkaar dat de eenheden, tientallen en honderdtallen precies boven elkaar staan. Gebruik hiervoor het positieschema (H-T-E). Het grootste getal komt altijd bovenaan.
Trek een streep onder het onderste getal en plaats het minteken. Dit helpt om later te onthouden dat je een aftreksom maakt.
Begin rechts bij de eenheden en werk van boven naar beneden: 4 – 1 = 3. Schrijf de 3 onder de streep bij de eenheden.
Ga naar de tientallen: 7 – 5 = 2. Schrijf de 2 onder de streep bij de tientallen.
Ga naar de honderdtallen: 6 – 2 = 4. Schrijf de 4 onder de streep bij de honderdtallen.
Het antwoord is 423.
Soms is het bovenste cijfer kleiner dan het onderste, zoals in de som 43 – 28. Bij de eenheden zie je 3 – 8, wat niet direct mogelijk is. In dat geval moet je ‘lenen bij de buren’.
Stap 1: Zet de getallen netjes onder elkaar.
Stap 2: Bij de eenheden zie je 3 – 8, wat niet kan. Kijk naar de buren (tientallen).
Stap 3: Leen 1 tiental van de 4 tientallen. Streep de 4 door en schrijf er 3 boven (je houdt 3 tientallen over).
Stap 4: Het geleende tiental (10 eenheden) tel je op bij de 3 eenheden: 10 + 3 = 13. Streep de 3 door en schrijf er 13 boven.
Stap 5: Nu kun je wel aftrekken: 13 – 8 = 5. Schrijf de 5 onder de streep bij de eenheden.
Stap 6: Bij de tientallen: 3 – 2 = 1. Schrijf de 1 onder de streep bij de tientallen.
Het antwoord is 15.
Een bijzondere situatie ontstaat wanneer er nullen in het bovenste getal staan, zoals bij 9004 – 5451. In de video wordt dit voorbeeld uitgewerkt en laat zien hoe je moet handelen als je wilt lenen maar er een 0 staat.
Stap 1: Zet de getallen netjes onder elkaar.
Stap 2: Begin bij de eenheden: 4 – 1 = 3.
Stap 3: Bij de tientallen zie je 0 – 5, wat niet kan. Je wilt lenen, maar bij de tientallen staat een 0.
Stap 4: Kijk verder naar links, naar de honderdtallen. Daar staat ook een 0.
Stap 5: Kijk nog verder naar links, naar de duizendtallen. Daar staat een 9.
Stap 6: Leen 1 van de 9 duizendtallen. De 9 wordt 8. Het geleende duizendtal (10 honderdtallen) gaat naar de honderdtallen. De 0 wordt 10, maar omdat je direct doorleent naar de tientallen, blijven er 9 honderdtallen over (en worden het 10 tientallen).
Stap 7: De 0 bij de tientallen wordt 10. Nu kun je aftrekken: 10 – 5 = 5.
Stap 8: Vervolgens: 9 – 4 = 5 en 8 – 5 = 3.
Het antwoord is 3553.
Deze techniek van ‘lenen bij de buren van de buren’ pas je alleen toe als er een 0 staat op de plek waar je normaal zou lenen.
Bij cijferend aftrekken kunnen kinderen verschillende fouten maken. Hier zijn enkele veelvoorkomende valkuilen en tips om ze te vermijden:
Als je je kind wilt helpen met cijferend aftrekken, zijn hier enkele praktische tips:
Door regelmatig te oefenen met verschillende soorten sommen, zal je kind steeds vaardiger worden in het cijferend aftrekken. Zoals de video benadrukt: hoe vaker je oefent, hoe makkelijker het gaat!